Een mens zou voortaan schrik hebben wanneer er weer een Europese top in zicht is. Niet omdat circuleren in het centrum van Brussel voor gewone burger dan redelijk lastig is. Niet omdat ’s avonds op de gezichten van Sarkozy, Merkel of andere Camerons kijken zo onvrolijk is. Wel omdat de opeenvolgende Europese topbijeenkomsten een rekenkundige rij vormen van maatregelen die de werknemers telkens weer op nieuwe saneringen en besparingen prepareren.
Het soberheidsbeleid dat na elk van die vergaderingen kenbaar wordt gemaakt is sociaal destructief en economisch een ramp. Meer geleerde mensen dan ik – Paul Krugman, de Nobelprijswinnaar voor economie, om er maar één te noemen – waarschuwen al enkele jaren voor de desastreuze gevolgen van de onfortuinlijke mix die de Europese bewindvoerders uit de hoed toveren. Het recent goedgekeurde Europese stabiliteitsmechanisme, onthoud de verderfelijke afkorting ESM die ons de komende jaren nog menigmaal zuur zal opbreken, werd gecombineerd met het zogenaamde Budgettaire Pact. Dit laatste heeft de heel uitdrukkelijke bedoeling om autonoom in de nationale wetgevingen in te grijpen. Eerst kregen nationale overheden de verplichting om hun begroting, voor ze bij de nationale parlementen werd ingediend, voor te leggen aan de technocraten van de Europese Commissie. De vermelde recente maatregelen gaan nog verder: de schuldopbouw van nationale staten wordt bij voorbaat als blijvend Europees onwettelijk bestempeld. Eigenlijk wordt de Grondwet van België gewoon terzijde geschoven. Artikel 174 van de Grondwet maakt het Parlement verantwoordelijk voor rekeningen en begrotingen. Van de Europese commissie of een of andere vazallenclub als Ecofin is daaromtrent in de Grondwet geen sprake. Zou een deskundig iemand eens willen bekijken of wat er Europees allemaal bedisseld wordt wel strookt met enkele grondwettelijke principes?
Technocraten
Maar los van de procedurele kant van de zaak is er uiteraard de ernstige bezorgdheid over de inhoud. Het lijkt er staalhard op dat economische groepen en financiële spelers de politieke machtsorganen in de Europese Unie en de nationale staten buitenspel hebben gezet of ze compleet in de macht hebben gekregen. Er is een weloverwogen proces van beleidsconcentratie aan de gang. Technocraten, al dan niet uit de bankwereld, nemen het roer over en confisqueren het politiek democratisch beleid. Nationale Parlementen staan buiten spel en het Europees Parlement heeft al nooit echt in het spel meegespeeld. Het zogenaamd democratisch deficit, een tekort aan democratische inspraak en controle, neemt in Europa toe in plaats van af. Daarmee wordt niet alleen ingegrepen in de nationale begrotingspolitiek, maar worden ook sociale en syndicale rechten naar de buitenbaan verwezen. Het collectieve overleg wordt als hinderlijk voor de concurrentie beschouwd, net zoals minimumbepalingen over lonen of andere werknemersrechten een verstoring van het vrije marktprincipe zijn. Onmiddellijk daarop aansluitend is er het volgende aan de hand: grensoverschrijdende solidariteitsacties en –stakingen worden als een aantasting van Europese concurrentieprincipes beschouwd en daarom zo goed als onmogelijk gemaakt. Syndicale vrijheden en de strijd voor de verbetering of vrijwaring van de arbeidsvoorwaarden, de sociale bescherming, de armoedebestrijding, de uitsluiting en ongelijkheden zullen in de zeer nabije toekomst lastiger te handhaven zijn. Meer dan ooit dreigen juridische argumenten te worden gebruikt om indien nodig via Europese juridische instanties acties als ongeoorloofd te laten beoordelen. Dat is geen kwaadwillige verkeerde interpretatie, het is de weg die de saneringsfanatici en werkgeverslobby’s goed voorbereid aan het plaveien zijn.
Geen sociaal beleid
De hele schuldenkwestie maakt onze fundamentele bekommernis over fiscale rechtvaardigheid nog prangender. In de Europese logica primeert één principe: minder schulden, dus minder uitgaven en dan heb je ook minder staatsinkomsten nodig. Dat eindigt in minder belastingen. Zogenaamd een aantrekkelijk verhaal voor iedereen, maar het betekent vooral dat er geen verschuiving van lasten naar vermogens, hoge inkomens, vennootschappen zal komen. En dat je dus geen sociaal beleid meer gevoerd krijgt, want daarvoor zullen de centen ontbreken. Het betekent ook dat een actief tewerkstellingsbeleid alleen nog uitmondt in het wegsaneren van werkloosheidsuitkeringen en het drukken van de loonkosten. Het is dus geen toeval dat zowel werkgevers als menig Belgisch minister of staatssecretaris de loonkosten als énig agendapunt naar voren schuiven voor het debat in de komende maanden. Net zoals het geen toeval is dat wij dat slechts als één stukje van het probleem beoordelen. Een breder en ander debat, in België én in Europa, dat is onze eis.
Ferre Wyckmans - Algemeen Secretaris LBC-NVK
Posts tonen met het label Europa. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Europa. Alle posts tonen
donderdag 3 mei 2012
woensdag 2 mei 2012
Kiezen voor ‘samen’
Sociale verkiezingen van 7 tot 20 mei De vakbonden hadden het in de voorbije maanden zwaar te verduren. ‘Ouderwets’, ‘maatschappelijk onverantwoord’, ‘alleen begaan met oudere werknemers’, dezelfde verwijten doken op in alle Europese talen. Toeval of niet? Waarom moeten de vakbonden in het verdomhoekje? Wie heeft daar belang bij? Veel wordt duidelijk als je ziet hoe Europa de diepe economische crisis aanpakt.
Europa zou borg staan voor democratie, volledige tewerkstelling en sociale vooruitgang. Maar het pakte iets anders uit. In Spanje, dat zijn arbeidsmarkt versoepelde op aandringen van Europa, vindt meer dan de helft van de jongeren geen baan. En in Nederland krijgen honderdduizenden werknemers te horen dat de pensioenfondsen met hun spaarcenten hebben gegokt en dat ze hun oude dag zuiniger zullen moeten doorbrengen. België wordt na een besparingsronde van elf miljard euro door eurocommissaris Olli Rehn streng aangemaand om nog eens twee miljard extra te besparen. Doet België dat niet, dan dreigt het zware boetes te moeten betalen. Nauwelijks is die operatie achter de rug of het nieuwe huiswerk komt eraan: vijf miljard euro snoeien in 2013, drie miljard in 2014 en nog eens drie miljard in 2015. Ook de index, de pensioenen en de arbeidsmarkt moeten over de hekel. België heeft kennelijk nog te veel sociale bescherming. In Duitsland, het veelgeprezen modelland dat nieuwe tewerkstelling creëerde, zijn er 1,4 miljoen mensen die een soort van job hebben maar te weinig verdienen om menswaardig te leven. Veel werknemers met een mini-job die met elkaar concurreren op de arbeidsmarkt, dat houdt de lonen laag. Eén op zes Europeanen leeft in armoede, maar het aantal miljonairs neemt jaar na jaar toe. In plaats van welvaart voor iedereen creëert het Europese project almaar meer ongelijkheid. Geen tegenspraak ‘Economic governance’ is nu het motto van Europa. Vrij vertaald: alles in dienst van het kapitaal. De democratische façade brokkelt af. Europese regeringsleiders gedragen zich als waterdragers van de beurzen en de ratingbureaus. De ghostwriters van de ‘haute finance’ schrijven de Europese richtlijnen. Hun ordewoorden klinken unisono: openbare dienstverlening privatiseren, een flexibele arbeidsmarkt, langer werken en besparen, besparen, besparen, op kap van de werkende bevolking weliswaar. Het echoot als een orakel dat vertrekt van op de Griekse Acropolis en nazindert tot in Charleroi en Zwevegem. Misschien is het vakbondbashen in zo’n context niet zo toevallig. Aandeelhouders, bedrijfsleiders en politici reageren zenuwachtig, bang dat er een eind komt aan de race naar almaar meer winst. Maar er is nog iets anders dat hen erg nerveus maakt. De asociale crisisremedies zetten de vraag naar rechtvaardigheid en herverdeling hoog op de agenda. Er worden lastige vragen gesteld. Waarom wordt speculatie niet resoluut aan banden gelegd? Waarom blijven de één procent superrijken buiten schot? Waarom betalen alleen gewone mensen belastingen? Waarom krijgen bedrijfsleiders riante bonussen terwijl ze honderden werknemers ontslaan? Waarom betalen grote multinationals geen eurocent belastingen? Woordvoerders van het grote vermogen verzinnen, met het angstzweet in de handen, antwoorden die de lastige vragenstellers het zwijgen moeten opleggen. Siegfried Bracke (N-VA) wringt zich in bochten om uit te leggen wat voor een ramp het zou zijn voor de armen als er geen rijken zouden zijn. Baron Buysse moet even slikken – of beeld ik me dat maar in? – wanneer hij aan de verzamelde pers uitlegt dat de 434.000 euro loonsverhoging voor ‘ceo’ Bert De Graeve bovenop zijn ‘basisloon’ van 1,78 miljoen euro al lang geleden was afgesproken. Vakbonden en andere sociale organisaties stellen niet alleen lastige vragen. Ze komen ook aanzetten met hoogst vervelende voorstellen: de notionele intrestaftrek afschaffen, een vermogensbelasting invoeren, komaf maken met de belastingfraude. Het onbarmhartige neoliberale antwoord op de crisis duldt geen tegenspraak. Wie nog maar suggereert dat er andere politieke keuzes mogelijk zijn wordt naar de vorige eeuw gekatapulteerd. Belangen collectief verdedigen zou niet meer van deze tijd zijn. Iedereen is nu individueel verantwoordelijk voor het eigen leven, de eigen studies, de eigen loopbaan, de eigen gezondheid, de eigen oude dag. Kamp je met stress of een burn-out of ben je werkloos? Dan heb je jezelf niet goed gemanaged. Weg met de vakbond en weg met de verzorgingsstaat die de mensen pampert van de wieg tot aan het graf, luidt het. Die kritiek is niet nieuw. In crisisjaren duikt hij telkens opnieuw op. Kiezen voor ‘samen’
Vakbonden krijgen het verwijt conservatief en ouderwets te zijn. Ouderwets is: vasthouden aan verworven rechten, lange opzegtermijnen bij ontslag, de sociale zekerheid en de automatische index verdedigen. Strijden voor het behoud van kwaliteitsvolle en betaalbare openbare diensten en zorg is niet meer van deze tijd. Campagnes voor een eerlijke fiscaliteit jagen investeerders weg en schaden de economie. De bonden moeten dringend moderniseren, zo luidt het. ‘Verantwoordelijke vakbonden’ aanvaarden dat Europa aan onze lonen en pensioenen raakt. ‘Moderne vakbonden’ beseffen dat een flexibele arbeidsmarkt, waarbij patroons goedkoop kunnen ontslaan, een zegen is voor de tewerkstelling. Alleen vakbonden die in dit plaatje passen zullen overleven, stellen de critici. Kortom, een moderne vakbond zou moeten zwijgen en knikken. Heel wat vakbondsafgevaardigden voelden zich door de zware kritiek persoonlijk gekrenkt en aangevallen in hun engagement voor hun collega’s. Maar ze haken niet af. Integendeel, ze voelen zich gesterkt in hun overtuiging dat de vakbond meer dan ooit nodig is. Ze discussiëren erover op het werk, op café, onder vrienden. En het resultaat is hartverwarmend. Duizenden nieuwe kandidaten hebben zich gemeld voor de sociale verkiezingen. Ook jonge mensen willen het opnemen voor hun collega’s. Zij steken hun nek uit voor een solidaire toekomst en voor een economie op mensenmaat. Zij kiezen voor ‘samen’. En jij? Mogen ze op jouw stem rekenen? Marijke Persoone Lees meer op www.uwjobonswerk.be en http://sv2012.lbc-nvk.be Thatcher achterna Als ik de recente kritieken op de vakbonden beluister heb ik een heel sterk déjà vu-gevoel. Op het einde van de jaren ’70 werd ik actief bij de vakbond. Ook toen was het crisis. Is die trouwens sindsdien al ooit weggeweest? Met de regelmaat van een klok kondigden politici het einde van de tunnel aan. Ondertussen regende het ontslagen, herstructureringen, bedrijfssluitingen en besparingsplannen. Sinds het midden van de jaren ’70 was er een hardnekkige campagne tegen de index. Ja, ook toen. De werkende bevolking liet zich niet doen. Stakingen volgden elkaar op. Tijdens bedrijfsbezettingen werd gediscussieerd over zelfbeheer en de maatschappelijke rol van bedrijven. En ook toen waren aanvallen op vakbonden en actievoerders niet uit de lucht. Stakers werden in bepaalde kranten afgeschilderd als ‘onverantwoorde avonturiers’. Vakbondsleiders die niet meewerkten met de operatie matiging kregen het verwijt ‘dogmatisch’ en passé te zijn. Aanvallen tegen de vakbonden en aanvallen tegen de verzorgingsstaat en de sociale voorzieningen kwamen vaak uit dezelfde mond. En was het niet de Britse premier Margaret Thatcher die in 1987 de stelling verkondigde: “There is no such thing as society. There are individual men and women and there are families…” ? Het was haar overtuiging dat ieder individu verantwoordelijk was voor zichzelf en op eigen houtje de ongefortuneerde medemens moest helpen. Dezelfde Iron Lady verklaarde de oorlog aan de vakbonden. Ze noemde ze ‘de Britse ziekte’ en ‘de binnenlandse vijand’ en ze liet de Britse mijnwerkersvakbond infiltreren door de inlichtingendiensten. Tot vandaag heeft het Verenigd Koninkrijk erg repressieve antivakbondswetten. Het huidige rondje vakbondbashen is niets nieuws onder de zon. Organisaties die werknemers verenigen om een samenleving uit te bouwen op solidaire basis zijn altijd een doorn in het oog voor wie rendement en winst als hoogste goed ziet.
Europa zou borg staan voor democratie, volledige tewerkstelling en sociale vooruitgang. Maar het pakte iets anders uit. In Spanje, dat zijn arbeidsmarkt versoepelde op aandringen van Europa, vindt meer dan de helft van de jongeren geen baan. En in Nederland krijgen honderdduizenden werknemers te horen dat de pensioenfondsen met hun spaarcenten hebben gegokt en dat ze hun oude dag zuiniger zullen moeten doorbrengen. België wordt na een besparingsronde van elf miljard euro door eurocommissaris Olli Rehn streng aangemaand om nog eens twee miljard extra te besparen. Doet België dat niet, dan dreigt het zware boetes te moeten betalen. Nauwelijks is die operatie achter de rug of het nieuwe huiswerk komt eraan: vijf miljard euro snoeien in 2013, drie miljard in 2014 en nog eens drie miljard in 2015. Ook de index, de pensioenen en de arbeidsmarkt moeten over de hekel. België heeft kennelijk nog te veel sociale bescherming. In Duitsland, het veelgeprezen modelland dat nieuwe tewerkstelling creëerde, zijn er 1,4 miljoen mensen die een soort van job hebben maar te weinig verdienen om menswaardig te leven. Veel werknemers met een mini-job die met elkaar concurreren op de arbeidsmarkt, dat houdt de lonen laag. Eén op zes Europeanen leeft in armoede, maar het aantal miljonairs neemt jaar na jaar toe. In plaats van welvaart voor iedereen creëert het Europese project almaar meer ongelijkheid. Geen tegenspraak ‘Economic governance’ is nu het motto van Europa. Vrij vertaald: alles in dienst van het kapitaal. De democratische façade brokkelt af. Europese regeringsleiders gedragen zich als waterdragers van de beurzen en de ratingbureaus. De ghostwriters van de ‘haute finance’ schrijven de Europese richtlijnen. Hun ordewoorden klinken unisono: openbare dienstverlening privatiseren, een flexibele arbeidsmarkt, langer werken en besparen, besparen, besparen, op kap van de werkende bevolking weliswaar. Het echoot als een orakel dat vertrekt van op de Griekse Acropolis en nazindert tot in Charleroi en Zwevegem. Misschien is het vakbondbashen in zo’n context niet zo toevallig. Aandeelhouders, bedrijfsleiders en politici reageren zenuwachtig, bang dat er een eind komt aan de race naar almaar meer winst. Maar er is nog iets anders dat hen erg nerveus maakt. De asociale crisisremedies zetten de vraag naar rechtvaardigheid en herverdeling hoog op de agenda. Er worden lastige vragen gesteld. Waarom wordt speculatie niet resoluut aan banden gelegd? Waarom blijven de één procent superrijken buiten schot? Waarom betalen alleen gewone mensen belastingen? Waarom krijgen bedrijfsleiders riante bonussen terwijl ze honderden werknemers ontslaan? Waarom betalen grote multinationals geen eurocent belastingen? Woordvoerders van het grote vermogen verzinnen, met het angstzweet in de handen, antwoorden die de lastige vragenstellers het zwijgen moeten opleggen. Siegfried Bracke (N-VA) wringt zich in bochten om uit te leggen wat voor een ramp het zou zijn voor de armen als er geen rijken zouden zijn. Baron Buysse moet even slikken – of beeld ik me dat maar in? – wanneer hij aan de verzamelde pers uitlegt dat de 434.000 euro loonsverhoging voor ‘ceo’ Bert De Graeve bovenop zijn ‘basisloon’ van 1,78 miljoen euro al lang geleden was afgesproken. Vakbonden en andere sociale organisaties stellen niet alleen lastige vragen. Ze komen ook aanzetten met hoogst vervelende voorstellen: de notionele intrestaftrek afschaffen, een vermogensbelasting invoeren, komaf maken met de belastingfraude. Het onbarmhartige neoliberale antwoord op de crisis duldt geen tegenspraak. Wie nog maar suggereert dat er andere politieke keuzes mogelijk zijn wordt naar de vorige eeuw gekatapulteerd. Belangen collectief verdedigen zou niet meer van deze tijd zijn. Iedereen is nu individueel verantwoordelijk voor het eigen leven, de eigen studies, de eigen loopbaan, de eigen gezondheid, de eigen oude dag. Kamp je met stress of een burn-out of ben je werkloos? Dan heb je jezelf niet goed gemanaged. Weg met de vakbond en weg met de verzorgingsstaat die de mensen pampert van de wieg tot aan het graf, luidt het. Die kritiek is niet nieuw. In crisisjaren duikt hij telkens opnieuw op. Kiezen voor ‘samen’
Vakbonden krijgen het verwijt conservatief en ouderwets te zijn. Ouderwets is: vasthouden aan verworven rechten, lange opzegtermijnen bij ontslag, de sociale zekerheid en de automatische index verdedigen. Strijden voor het behoud van kwaliteitsvolle en betaalbare openbare diensten en zorg is niet meer van deze tijd. Campagnes voor een eerlijke fiscaliteit jagen investeerders weg en schaden de economie. De bonden moeten dringend moderniseren, zo luidt het. ‘Verantwoordelijke vakbonden’ aanvaarden dat Europa aan onze lonen en pensioenen raakt. ‘Moderne vakbonden’ beseffen dat een flexibele arbeidsmarkt, waarbij patroons goedkoop kunnen ontslaan, een zegen is voor de tewerkstelling. Alleen vakbonden die in dit plaatje passen zullen overleven, stellen de critici. Kortom, een moderne vakbond zou moeten zwijgen en knikken. Heel wat vakbondsafgevaardigden voelden zich door de zware kritiek persoonlijk gekrenkt en aangevallen in hun engagement voor hun collega’s. Maar ze haken niet af. Integendeel, ze voelen zich gesterkt in hun overtuiging dat de vakbond meer dan ooit nodig is. Ze discussiëren erover op het werk, op café, onder vrienden. En het resultaat is hartverwarmend. Duizenden nieuwe kandidaten hebben zich gemeld voor de sociale verkiezingen. Ook jonge mensen willen het opnemen voor hun collega’s. Zij steken hun nek uit voor een solidaire toekomst en voor een economie op mensenmaat. Zij kiezen voor ‘samen’. En jij? Mogen ze op jouw stem rekenen? Marijke Persoone Lees meer op www.uwjobonswerk.be en http://sv2012.lbc-nvk.be Thatcher achterna Als ik de recente kritieken op de vakbonden beluister heb ik een heel sterk déjà vu-gevoel. Op het einde van de jaren ’70 werd ik actief bij de vakbond. Ook toen was het crisis. Is die trouwens sindsdien al ooit weggeweest? Met de regelmaat van een klok kondigden politici het einde van de tunnel aan. Ondertussen regende het ontslagen, herstructureringen, bedrijfssluitingen en besparingsplannen. Sinds het midden van de jaren ’70 was er een hardnekkige campagne tegen de index. Ja, ook toen. De werkende bevolking liet zich niet doen. Stakingen volgden elkaar op. Tijdens bedrijfsbezettingen werd gediscussieerd over zelfbeheer en de maatschappelijke rol van bedrijven. En ook toen waren aanvallen op vakbonden en actievoerders niet uit de lucht. Stakers werden in bepaalde kranten afgeschilderd als ‘onverantwoorde avonturiers’. Vakbondsleiders die niet meewerkten met de operatie matiging kregen het verwijt ‘dogmatisch’ en passé te zijn. Aanvallen tegen de vakbonden en aanvallen tegen de verzorgingsstaat en de sociale voorzieningen kwamen vaak uit dezelfde mond. En was het niet de Britse premier Margaret Thatcher die in 1987 de stelling verkondigde: “There is no such thing as society. There are individual men and women and there are families…” ? Het was haar overtuiging dat ieder individu verantwoordelijk was voor zichzelf en op eigen houtje de ongefortuneerde medemens moest helpen. Dezelfde Iron Lady verklaarde de oorlog aan de vakbonden. Ze noemde ze ‘de Britse ziekte’ en ‘de binnenlandse vijand’ en ze liet de Britse mijnwerkersvakbond infiltreren door de inlichtingendiensten. Tot vandaag heeft het Verenigd Koninkrijk erg repressieve antivakbondswetten. Het huidige rondje vakbondbashen is niets nieuws onder de zon. Organisaties die werknemers verenigen om een samenleving uit te bouwen op solidaire basis zijn altijd een doorn in het oog voor wie rendement en winst als hoogste goed ziet.
donderdag 26 januari 2012
Standpunt in Ons Recht van Ferre Wyckmans
HET KAN ECHT ANDERS !
Het vakbondsverzet tegen genomen en geplande maatregelen van de regering is op zijn beurt op merkwaardig groot verzet gestoten. Naast de werkgevers was er uiteraard ook weerstand van ministers en politieke partijen, niet alleen van de meerderheid overigens. En ook de gemiddelde journalist liet zich erg laatdunkend uit over het werknemersverzet. Zich kanten tegen besparingen is blijkbaar not done. Het zou uit de tijd zijn en godbetert slecht voor ons sociaal model. De aanhoudende pogingen om de publieke opinie besparingen aan te praten, zijn gelukt. Verontwaardiging mag in het buitenland – Occupy-bewegingen worden fraai verfrissend genoemd zolang ze in de buurt van Wall Street blijven. En indignado’s hebben sympathie voor zover ze in Spaanssprekende landen blijven. Maar vakbondsprotest bij ons, ho maar!
Daarom alsnog een poging om uit te leggen waar het ten gronde over gaat. Besparingen in de sociale zekerheid en in de overheidsbudgetten zouden nodig zijn omdat we aan de limiet van het financierbare zitten. Er zijn geen middelen meer. Dus minder uitkeringen en minder overheidsdiensten. Dé kernvraag is hoe dat komt? Niet omdat de pensioenen of de werkloosheidsuitkeringen de laatste tijd schrikbarend zouden zijn toegenomen. Al zou dat geen luxe zijn, want de armoedecijfers nemen onrustwekkend toe – in Vlaanderen, in Brussel en in Wallonië. Sociaal gerechtigden, maar ook steeds meer werkenden, krijgen het met uitkeringen en/of loon niet meer gerooid. Het aantal leefloners, ook bij jongeren, stijgt. Het aantal gezinnen dat de energiekosten niet meer kan dragen, neemt exponentieel toe, evenals het aantal mensen wiens energie- en watertoevoer wordt afgesloten. En het aantal niet meer afgeloste leningen allerhande, inclusief hypothecaire, neemt toe. Conclusie: er groeit een gigantisch inkomensprobleem. Niet ingrijpen zal dat alleen maar verergeren. Verontwaardiging is dus zeer op zijn plaats, ook hier. Meer dan een generatieconflict is er een probleem van generatiearmoede. Die voorkomen is veel efficiënter dan ze nadien te bestrijden.
De oorzaak van de krappe overheidsbudgetten en de onrechtvaardige inkomensspreiding is te wijten aan bij het feit dat grote groepen weinig of geen belastingen betalen. VBO-voorzitter Rudy Thomas verkondigt in het buitenland aan eenieder die het wil horen dat België voor de bedrijven een belastingparadijs is. En of hij gelijk heeft! De theoretische vennootschapsbelasting bedraagt 33,9 %. Maar dat is dus theorie. De echte gemiddelde belastingdruk voor vennootschappen is 11 % - dus nauwelijks 1/3. En dat gemiddelde verbergt nog grote verschillen. Er zijn bedrijven, multinationals, die 0 % belasting betalen. Grote vermogens ontsnappen aan enige belastingheffing. En daar wordt niets aan gedaan.
Er moeten dus geen lagere pensioenen, werkloosheidsuitkeringen of lonen komen. Zelfs niet ‘van Europa’… Tenzij men verder weigert te werken aan die gemiddelde vennootschapstaks, de transactietaks of een vermogensbelasting. De momenteel bespaarde 11 miljard en de komende 3 miljard die ‘Europa ons land oplegt’ kunnen perfect ontweken worden, de boetes incluis. Als anderen dan gewone mensen óók belastingen betalen, is er redelijk snel meer dan die ettelijke miljarden gevonden. Dat is de kern van de discussie. Dat is de kern van ons perfect uitvoerbaar alternatief (zie www.dealternatieven.be).
Het gaat niet over een generatiekloof. Het gaat over een fiscale kloof, die men weigert te dichten. Het gaat niet over langer werken om het systeem overeind te houden. Het gaat over rechtvaardiger verdeling van de fiscale lasten. Als dat niet gebeurt, zullen we onophoudelijk druk op onze inkomens en onze lonen moeten blijven verdragen. Daar passen wij voor. Vóór 30 januari en daarna.
Ferre Wyckmans
Algemeen Secretaris
Het vakbondsverzet tegen genomen en geplande maatregelen van de regering is op zijn beurt op merkwaardig groot verzet gestoten. Naast de werkgevers was er uiteraard ook weerstand van ministers en politieke partijen, niet alleen van de meerderheid overigens. En ook de gemiddelde journalist liet zich erg laatdunkend uit over het werknemersverzet. Zich kanten tegen besparingen is blijkbaar not done. Het zou uit de tijd zijn en godbetert slecht voor ons sociaal model. De aanhoudende pogingen om de publieke opinie besparingen aan te praten, zijn gelukt. Verontwaardiging mag in het buitenland – Occupy-bewegingen worden fraai verfrissend genoemd zolang ze in de buurt van Wall Street blijven. En indignado’s hebben sympathie voor zover ze in Spaanssprekende landen blijven. Maar vakbondsprotest bij ons, ho maar!
Daarom alsnog een poging om uit te leggen waar het ten gronde over gaat. Besparingen in de sociale zekerheid en in de overheidsbudgetten zouden nodig zijn omdat we aan de limiet van het financierbare zitten. Er zijn geen middelen meer. Dus minder uitkeringen en minder overheidsdiensten. Dé kernvraag is hoe dat komt? Niet omdat de pensioenen of de werkloosheidsuitkeringen de laatste tijd schrikbarend zouden zijn toegenomen. Al zou dat geen luxe zijn, want de armoedecijfers nemen onrustwekkend toe – in Vlaanderen, in Brussel en in Wallonië. Sociaal gerechtigden, maar ook steeds meer werkenden, krijgen het met uitkeringen en/of loon niet meer gerooid. Het aantal leefloners, ook bij jongeren, stijgt. Het aantal gezinnen dat de energiekosten niet meer kan dragen, neemt exponentieel toe, evenals het aantal mensen wiens energie- en watertoevoer wordt afgesloten. En het aantal niet meer afgeloste leningen allerhande, inclusief hypothecaire, neemt toe. Conclusie: er groeit een gigantisch inkomensprobleem. Niet ingrijpen zal dat alleen maar verergeren. Verontwaardiging is dus zeer op zijn plaats, ook hier. Meer dan een generatieconflict is er een probleem van generatiearmoede. Die voorkomen is veel efficiënter dan ze nadien te bestrijden.
De oorzaak van de krappe overheidsbudgetten en de onrechtvaardige inkomensspreiding is te wijten aan bij het feit dat grote groepen weinig of geen belastingen betalen. VBO-voorzitter Rudy Thomas verkondigt in het buitenland aan eenieder die het wil horen dat België voor de bedrijven een belastingparadijs is. En of hij gelijk heeft! De theoretische vennootschapsbelasting bedraagt 33,9 %. Maar dat is dus theorie. De echte gemiddelde belastingdruk voor vennootschappen is 11 % - dus nauwelijks 1/3. En dat gemiddelde verbergt nog grote verschillen. Er zijn bedrijven, multinationals, die 0 % belasting betalen. Grote vermogens ontsnappen aan enige belastingheffing. En daar wordt niets aan gedaan.
Er moeten dus geen lagere pensioenen, werkloosheidsuitkeringen of lonen komen. Zelfs niet ‘van Europa’… Tenzij men verder weigert te werken aan die gemiddelde vennootschapstaks, de transactietaks of een vermogensbelasting. De momenteel bespaarde 11 miljard en de komende 3 miljard die ‘Europa ons land oplegt’ kunnen perfect ontweken worden, de boetes incluis. Als anderen dan gewone mensen óók belastingen betalen, is er redelijk snel meer dan die ettelijke miljarden gevonden. Dat is de kern van de discussie. Dat is de kern van ons perfect uitvoerbaar alternatief (zie www.dealternatieven.be).
Het gaat niet over een generatiekloof. Het gaat over een fiscale kloof, die men weigert te dichten. Het gaat niet over langer werken om het systeem overeind te houden. Het gaat over rechtvaardiger verdeling van de fiscale lasten. Als dat niet gebeurt, zullen we onophoudelijk druk op onze inkomens en onze lonen moeten blijven verdragen. Daar passen wij voor. Vóór 30 januari en daarna.
Ferre Wyckmans
Algemeen Secretaris
Labels:
Europa,
Ferre Wyckmans,
Fiscaliteit,
Politiek,
Staking,
Vakbond
woensdag 28 december 2011
Leugens en provocaties - Standpunt Ferre Wyckmans in Ons Recht
Het zou de titel kunnen zijn van een toneelstuk van Anton Tsjechov of een film van Woody Allen. De woorden lijken ons gepast voor de regeerverklaring van de regering-Di Rupo. Het is een welbewuste beoordeling die we maken. Een zware uitspraak, maar we doen er géén woord vanaf.
‘Leugens’ omdat voor, tijdens en na de publicatie van de regeerverklaring beweerd werd dat er een eerlijke verdeling van de lasten zou komen. Dat de sterkste schouders de zwaarste lasten zouden dragen en dat er, godbetert, niet geraakt zou worden aan de rechten van werknemers met tijdkrediet, bruggepensioneerden of werklozen. Maar het tegendeel is waar.
Er heerst een geforceerde algemene blijdschap omdat we eindelijk een regering hebben. Maar neem eens een kijkje op de website www.degevolgen.be, speciaal ontwikkeld door het ACV. Wie de teksten daar leest, merkt pijnlijk duidelijk wat er door het nieuwe regeerakkoord écht verandert. Er wordt ‘contractbreuk’ gepleegd. Toegekende rechten en aangegane engagementen worden teruggeschroefd. Ook al zullen er misschien toch nog ‘overgangsmaatregelen’ worden getroffen.
De pensioenrechten zullen verminderen voor bruggepensioneerden die al met brugpensioen zijn. De uitkeringen voor schoolverlaters zullen zakken. Werklozen, niet alleen nieuwe, zullen over het algemeen lagere uitkeringen krijgen. Werklozen tussen 50 en 55 jaar zullen regelrecht op hun werkloosheidsuitkeringen moeten inboeten. Ambtenaren zullen op hun pensioenen en hun pensioenrechten inleveren. Wie beweert dat dit niet klopt, liegt gewoon.
Contractbreuk
Na de werknemersbetoging van 2 december 2011, waaraan 80.000 leden van de vakbonden deelnamen, kondigde de regering sociaal overleg aan. Maar die belofte werd 14 dagen later gewoon gebroken. Wordt contractbreuk het handelsmerk van de nieuwe regering?
Maar ook provoceren kunnen ze in de nieuwe bewindsploeg. De kersverse minister van Pensioenen, Vincent Van Quickenborne, verklaarde dat zijn pensioenplannen nog voor Kerstmis door de parlementaire commissies en beheerscomités zouden worden geloodst. In plaats van te overleggen wil ‘Quickie’ gewoon ‘iedereen overtuigen’.
Langer werken en de pensioenen verminderen voor wie niet lang genoeg werkt, zo luidt de boodschap. Uitgerekend in ons land, waar de pensioenen al betrekkelijk laag zijn.
De inlevering op de pensioenen zal worden goedgekeurd door parlementairen die al na twintig jaar loopbaan en vanaf 52-jarige leeftijd recht hebben op een volledig pensioen. Een pensioen dat zomaar eventjes 75 procent van een parlementaire wedde bedraagt. Zoiets heet provocatie.
‘Nog te soft’
De superprovocateurs zitten niet alleen in de regering. De N-VA blijft verkondigen dat alle aangekondigde saneringen in de pensioenen, de brugpensioenen en de werkloosheidsuitkeringen een goed begin zijn maar nog niet ver genoeg gaan. Het is allemaal ‘te soft’. Niet aan de index raken vinden ze bij de N-VA ook veel te zacht.
Naarmate arbeiders, bedienden, kaderleden en ambtenaren beter worden geïnformeerd over de échte gevolgen van de keuzes van de nieuwe regering, wordt het voor hen veel duidelijker dat de bewindsploeg absoluut verkeerde beslissingen neemt. Eigenlijk maakt de nieuwe regering de vakbonden sterker zonder het te beseffen. Van Quickenborne verdient ondertussen wellicht al de titel van ‘onze beste ledenwerver’. Al zitten Bart De Wever & Co hem wel op de hielen.
Lachertje
De solidariteit moet niet komen van wie niets of weinig heeft, maar van wie veel heeft en weinig geeft. Zelfs het blad Trends komt tot de vaststelling dat de Belgische vennootschapsbelasting eigenlijk een lachertje is. De sterkste schouders van de grote vermogens worden ontlast in plaats van belast.
Naast het alibi van de solidariteit is er ook nog dit ‘argument’: “Het moet van Europa!”. Alsof de Europese maatregelen genomen worden zonder dat er één Belgische politicus bij betrokken is. De Europese voorzitter is Herman Van Rompuy. En de Europese Commissaris voor Handel is Karel De Gucht. Alle beslissingen in de Europese Raad worden eenparig genomen, dus ook met de goedkeuring van de Belgische ministeriële vertegenwoordigers.
Leugens, provocaties… en onrechtvaardigheid.
Ferre Wyckmans
Algemeen Secretaris LBC-NVK
‘Leugens’ omdat voor, tijdens en na de publicatie van de regeerverklaring beweerd werd dat er een eerlijke verdeling van de lasten zou komen. Dat de sterkste schouders de zwaarste lasten zouden dragen en dat er, godbetert, niet geraakt zou worden aan de rechten van werknemers met tijdkrediet, bruggepensioneerden of werklozen. Maar het tegendeel is waar.
Er heerst een geforceerde algemene blijdschap omdat we eindelijk een regering hebben. Maar neem eens een kijkje op de website www.degevolgen.be, speciaal ontwikkeld door het ACV. Wie de teksten daar leest, merkt pijnlijk duidelijk wat er door het nieuwe regeerakkoord écht verandert. Er wordt ‘contractbreuk’ gepleegd. Toegekende rechten en aangegane engagementen worden teruggeschroefd. Ook al zullen er misschien toch nog ‘overgangsmaatregelen’ worden getroffen.
De pensioenrechten zullen verminderen voor bruggepensioneerden die al met brugpensioen zijn. De uitkeringen voor schoolverlaters zullen zakken. Werklozen, niet alleen nieuwe, zullen over het algemeen lagere uitkeringen krijgen. Werklozen tussen 50 en 55 jaar zullen regelrecht op hun werkloosheidsuitkeringen moeten inboeten. Ambtenaren zullen op hun pensioenen en hun pensioenrechten inleveren. Wie beweert dat dit niet klopt, liegt gewoon.
Contractbreuk
Na de werknemersbetoging van 2 december 2011, waaraan 80.000 leden van de vakbonden deelnamen, kondigde de regering sociaal overleg aan. Maar die belofte werd 14 dagen later gewoon gebroken. Wordt contractbreuk het handelsmerk van de nieuwe regering?
Maar ook provoceren kunnen ze in de nieuwe bewindsploeg. De kersverse minister van Pensioenen, Vincent Van Quickenborne, verklaarde dat zijn pensioenplannen nog voor Kerstmis door de parlementaire commissies en beheerscomités zouden worden geloodst. In plaats van te overleggen wil ‘Quickie’ gewoon ‘iedereen overtuigen’.
Langer werken en de pensioenen verminderen voor wie niet lang genoeg werkt, zo luidt de boodschap. Uitgerekend in ons land, waar de pensioenen al betrekkelijk laag zijn.
De inlevering op de pensioenen zal worden goedgekeurd door parlementairen die al na twintig jaar loopbaan en vanaf 52-jarige leeftijd recht hebben op een volledig pensioen. Een pensioen dat zomaar eventjes 75 procent van een parlementaire wedde bedraagt. Zoiets heet provocatie.
‘Nog te soft’
De superprovocateurs zitten niet alleen in de regering. De N-VA blijft verkondigen dat alle aangekondigde saneringen in de pensioenen, de brugpensioenen en de werkloosheidsuitkeringen een goed begin zijn maar nog niet ver genoeg gaan. Het is allemaal ‘te soft’. Niet aan de index raken vinden ze bij de N-VA ook veel te zacht.
Naarmate arbeiders, bedienden, kaderleden en ambtenaren beter worden geïnformeerd over de échte gevolgen van de keuzes van de nieuwe regering, wordt het voor hen veel duidelijker dat de bewindsploeg absoluut verkeerde beslissingen neemt. Eigenlijk maakt de nieuwe regering de vakbonden sterker zonder het te beseffen. Van Quickenborne verdient ondertussen wellicht al de titel van ‘onze beste ledenwerver’. Al zitten Bart De Wever & Co hem wel op de hielen.
Lachertje
De solidariteit moet niet komen van wie niets of weinig heeft, maar van wie veel heeft en weinig geeft. Zelfs het blad Trends komt tot de vaststelling dat de Belgische vennootschapsbelasting eigenlijk een lachertje is. De sterkste schouders van de grote vermogens worden ontlast in plaats van belast.
Naast het alibi van de solidariteit is er ook nog dit ‘argument’: “Het moet van Europa!”. Alsof de Europese maatregelen genomen worden zonder dat er één Belgische politicus bij betrokken is. De Europese voorzitter is Herman Van Rompuy. En de Europese Commissaris voor Handel is Karel De Gucht. Alle beslissingen in de Europese Raad worden eenparig genomen, dus ook met de goedkeuring van de Belgische ministeriële vertegenwoordigers.
Leugens, provocaties… en onrechtvaardigheid.
Ferre Wyckmans
Algemeen Secretaris LBC-NVK
Labels:
Europa,
Ferre Wyckmans,
Politiek,
standpunt,
Vakbond
maandag 27 juni 2011
Kiezen in Europa én hier
Liefhebben doe je onvoorwaardelijk. Maar liefhebber van Europa zijn vraagt in deze tijden toch wel zwaar amoureuze blindheid en buitengewone inspanningen. Als je ook maar één scheef woord zegt over Europa, krijg je de stempel van euroscepticus opgeplakt. Waardoor je meteen in het weinig fraaie gezelschap van de voormalige Britse premier Margaret Thatcher en de Tsjechische president Vaclav Klaus terechtkomt. Daar wil je eigenlijk zelfs niet mee op de bus worden gezien, laat staan dat je ermee vereenzelvigd wil worden.
Een beetje verstandig politiek bedrijven betekent populisme aan de kant schuiven. Maar ook zonder populisme pleiten we nog niet voor telkens nieuwe beslissingen die met elkaar wedijveren qua antipopulariteit. ‘Politieke durf’ is niet hetzelfde als mensen treiteren. Wat bezielt de Europese beleidsmakers toch om, met een tergende overtuiging betere zaken waardig, zo driest tekeer te gaan? Want veel aardigheid aan resultaten komt er niet uit de Brusselse, Straatsburgse of Luxemburgse vergaderzalen.
Boeman
Zo slaagt Europa er perfect in om zich de status van onbetwistbare boeman toe te eigenen. Een constructie die de nationale bewindslieden overigens goed uitkomt. “We moeten van Europa”, is het legitieme alibi dat regeringsleiders zichzelf met graagte en overtuiging gunnen. Daarbij worden ze op hun wenken bediend door Europarlementsleden die, wat de Belgische delegatie betreft, met Dehaene, Verhofstadt, Michel, Thyssen, Van Brempt en Sterckx toch geen spelers van tweede garnituur zijn. Al vermoed ik dat alleen specialisten in staat zijn om een redelijk aantal andere namen van de 22 Belgische Europarlementairen voor de vuist te kunnen citeren.
Een vijfjarig mandaat is perfect te verantwoorden voor wie efficiëntie nastreeft. Wie op Europees niveau wetten moet maken, heeft nogal wat technische deskundigheid nodig. Maar zou het kunnen dat de democratische beoordeling door de kiezer – een volgende keer in 2014 – zelden een echte beoordeling is van het Europese doen en laten? En dat dus een echte inhoudelijke beleidsafrekening door de kiezer amper te vrezen is?
De leden van de Europese Commissie zijn al helemaal ongenaakbaar, geen Europese kiezer die daar iets over te zeggen heeft. Op 7 juni pakte de Europese Commissie uit met ondubbelzinnige aanbevelingen voor België.
Aanbevelingen
Wat lezen we in dit Europese standaardwerk? De wettelijke pensioenleeftijd moet worden aangepast aan de leeftijdsverwachting, lees: de pensioenleeftijd moet naar omhoog. Het loonoverleg moet worden hervormd zodat het beter aansluit bij het concurrentievermogen, lees: de lonen moeten zakken en er moet alleen nog op ondernemingsniveau worden onderhandeld. Ook het indexeringssysteem moet worden hervormd, lees: de koopkracht zal worden verminderd.
En er is meer. De werkgeversbijdragen op arbeid, de sociale zekerheidsbijdragen, moeten worden vervangen door belasting op consumptie, lees: we zullen via BTW-aanpassingen meer betalen om de werkgevers op hun wenken te bedienen. De uitkeringen voor werklozen moeten verminderen en ze moeten ook minder lang die uitkeringen ontvangen. Wat natuurlijk neerkomt op een verarming.
Verder moeten er langere openingstijden komen voor de winkels. Dat wil zeggen dat de sociale bescherming in de distributiesector eraan moet geloven.
Slecht voor werknemers
Niet één van al die maatregelen is dus in het voordeel van de werknemers of de sociaal verzekerden. Qua keuze tegen de werknemersbelangen kent dit pakket aan maatregelen zijn gelijke niet. Het is veelbetekenend dat de fractieleider van de N-VA in de Kamer, Jan Jambon, meteen en zonder enige nuance verkondigde dat de Europese Commissie goed bezig is vermits ze het volledige sociaaleconomische programma van de N-VA wil uitvoeren.
Volgens onze lopende minister van Begroting, Guy Vanhengel (Open VLD), liggen deze Europese aanbevelingen volledig in de lijn van wat experts al lang zeggen. Bedoeld wordt dat het overal opduikende trio van zogenaamde topeconomen – Geert Noels, Ivan Van De Cloot en Peter Vanden Houtte – als extra munitie wordt gebruikt als boeman Europa alleen niet zou volstaan.
Kiezen is delen. Sommigen kiezen voor rechtvaardig verdelen.
Anderen kiezen om mensen te verdelen, ze tegen elkaar op te zetten. Solidariteit van wie het beter heeft met wie het minder voor de wind gaat. Dat is onze nadrukkelijke keuze, al 125 jaar lang. Maar het is duidelijk niet de keuze van Europa. En zo te horen ook niet de keuze van alle Belgische of Vlaamse politiek verantwoordelijken.
Zij dragen dus een immense verantwoordelijkheid. We zullen het niet vergeten en al evenmin lijdzaam toekijken.
Ferre Wyckmans
Algemeen Secretaris
Een beetje verstandig politiek bedrijven betekent populisme aan de kant schuiven. Maar ook zonder populisme pleiten we nog niet voor telkens nieuwe beslissingen die met elkaar wedijveren qua antipopulariteit. ‘Politieke durf’ is niet hetzelfde als mensen treiteren. Wat bezielt de Europese beleidsmakers toch om, met een tergende overtuiging betere zaken waardig, zo driest tekeer te gaan? Want veel aardigheid aan resultaten komt er niet uit de Brusselse, Straatsburgse of Luxemburgse vergaderzalen.
Boeman
Zo slaagt Europa er perfect in om zich de status van onbetwistbare boeman toe te eigenen. Een constructie die de nationale bewindslieden overigens goed uitkomt. “We moeten van Europa”, is het legitieme alibi dat regeringsleiders zichzelf met graagte en overtuiging gunnen. Daarbij worden ze op hun wenken bediend door Europarlementsleden die, wat de Belgische delegatie betreft, met Dehaene, Verhofstadt, Michel, Thyssen, Van Brempt en Sterckx toch geen spelers van tweede garnituur zijn. Al vermoed ik dat alleen specialisten in staat zijn om een redelijk aantal andere namen van de 22 Belgische Europarlementairen voor de vuist te kunnen citeren.
Een vijfjarig mandaat is perfect te verantwoorden voor wie efficiëntie nastreeft. Wie op Europees niveau wetten moet maken, heeft nogal wat technische deskundigheid nodig. Maar zou het kunnen dat de democratische beoordeling door de kiezer – een volgende keer in 2014 – zelden een echte beoordeling is van het Europese doen en laten? En dat dus een echte inhoudelijke beleidsafrekening door de kiezer amper te vrezen is?
De leden van de Europese Commissie zijn al helemaal ongenaakbaar, geen Europese kiezer die daar iets over te zeggen heeft. Op 7 juni pakte de Europese Commissie uit met ondubbelzinnige aanbevelingen voor België.
Aanbevelingen
Wat lezen we in dit Europese standaardwerk? De wettelijke pensioenleeftijd moet worden aangepast aan de leeftijdsverwachting, lees: de pensioenleeftijd moet naar omhoog. Het loonoverleg moet worden hervormd zodat het beter aansluit bij het concurrentievermogen, lees: de lonen moeten zakken en er moet alleen nog op ondernemingsniveau worden onderhandeld. Ook het indexeringssysteem moet worden hervormd, lees: de koopkracht zal worden verminderd.
En er is meer. De werkgeversbijdragen op arbeid, de sociale zekerheidsbijdragen, moeten worden vervangen door belasting op consumptie, lees: we zullen via BTW-aanpassingen meer betalen om de werkgevers op hun wenken te bedienen. De uitkeringen voor werklozen moeten verminderen en ze moeten ook minder lang die uitkeringen ontvangen. Wat natuurlijk neerkomt op een verarming.
Verder moeten er langere openingstijden komen voor de winkels. Dat wil zeggen dat de sociale bescherming in de distributiesector eraan moet geloven.
Slecht voor werknemers
Niet één van al die maatregelen is dus in het voordeel van de werknemers of de sociaal verzekerden. Qua keuze tegen de werknemersbelangen kent dit pakket aan maatregelen zijn gelijke niet. Het is veelbetekenend dat de fractieleider van de N-VA in de Kamer, Jan Jambon, meteen en zonder enige nuance verkondigde dat de Europese Commissie goed bezig is vermits ze het volledige sociaaleconomische programma van de N-VA wil uitvoeren.
Volgens onze lopende minister van Begroting, Guy Vanhengel (Open VLD), liggen deze Europese aanbevelingen volledig in de lijn van wat experts al lang zeggen. Bedoeld wordt dat het overal opduikende trio van zogenaamde topeconomen – Geert Noels, Ivan Van De Cloot en Peter Vanden Houtte – als extra munitie wordt gebruikt als boeman Europa alleen niet zou volstaan.
Kiezen is delen. Sommigen kiezen voor rechtvaardig verdelen.
Anderen kiezen om mensen te verdelen, ze tegen elkaar op te zetten. Solidariteit van wie het beter heeft met wie het minder voor de wind gaat. Dat is onze nadrukkelijke keuze, al 125 jaar lang. Maar het is duidelijk niet de keuze van Europa. En zo te horen ook niet de keuze van alle Belgische of Vlaamse politiek verantwoordelijken.
Zij dragen dus een immense verantwoordelijkheid. We zullen het niet vergeten en al evenmin lijdzaam toekijken.
Ferre Wyckmans
Algemeen Secretaris
vrijdag 25 februari 2011
Werknemers moeten Europa van antwoord dienen
Het is moedig om te strijden voor politieke vrijheid en komaf te maken met regimes die hun bevolking onderdrukken en alleen maar denken aan hun eigenbelang. De mensen in Tunesië, Egype, Jemen en Libië maken een heel grote indruk. In hun strijd voor de vrijheid zetten ze hun eigen leven op het spel en riskeren ze te worden vervolgd. Ze vechten zonder wapens en alleen met hun eigen trots en de overtuiging dat het anders kan en moet.
In vroegere tijden, soms nog niet zo heel lang geleden, moesten onze voorouders ook een dagelijkse strijd voor het bestaan voeren. Er is een toenemend aantal Belgen – Vlamingen, Walen en Brusselaars – die de eindjes niet meer aan elkaar kunnen knopen. Ook de burger- en werknemersrechten die wij kennen zijn er gekomen dankzij een strijd. Geen enkel recht werd burgers of werknemers ooit in de schoot geworpen. Alleen al om die reden is het een heilige plicht om die verworven rechten te verdedigen.
• de automatische indexering van de lonen en de sociale voorzieningen: ‘oude brol’ waar het nieuwe Europa niet meer wil van weten;
Ferre Wyckmans
Algemeen Secretaris
In vroegere tijden, soms nog niet zo heel lang geleden, moesten onze voorouders ook een dagelijkse strijd voor het bestaan voeren. Er is een toenemend aantal Belgen – Vlamingen, Walen en Brusselaars – die de eindjes niet meer aan elkaar kunnen knopen. Ook de burger- en werknemersrechten die wij kennen zijn er gekomen dankzij een strijd. Geen enkel recht werd burgers of werknemers ooit in de schoot geworpen. Alleen al om die reden is het een heilige plicht om die verworven rechten te verdedigen.Het is beschamend genoeg dat je als ‘oubollige conservatief’ wordt bestempeld als je opkomt voor het behoud van rechten en verworvenheden.
Wie zoiets zegt, beledigt de vakbondsactivisten van vroeger en nu.
Wie zoiets zegt, beledigt de vakbondsactivisten van vroeger en nu.
Oude wijn
In de handen van ‘de vernieuwers’ blijft niets nog heel. Geen recht is nog verzekerd als de begrippen ‘flitsend’ en ‘modern’ onze sociale reglementering gaan bepalen. Maar eigenlijk gaat het om oude wijn in nieuwe zakken. Wij kennen die verpakking. De maskerade van de vernieuwing die moet verdoezelen dat er aan sociale afbouw wordt gedaan.
Even het rijtje aflopen:
• de automatische indexering van de lonen en de sociale voorzieningen: ‘oude brol’ waar het nieuwe Europa niet meer wil van weten;
• werknemers beschermen tegen ontslag: een aanslag op de vrije markt en een obstakel voor economische vooruitgang;
• het brugpensioen: een onbetaalbare hangmat voor oudere werknemers;
• de werkloosheidsuitkeringen: een belemmering om werk te zoeken;
• het tijdkrediet: een luxe die we ons niet meer kunnen permitteren;
• de democratisering van het onderwijs: een obstakel voor de eigen creativiteit en verantwoordelijkheid. Hogere inschrijfgelden werken selectiever bij de toegang;
• de arbeidstijdregelingen: een rem op flexibiliteit en inzet.
Het zijn een aantal van de opvattingen die telkens opnieuw en steeds vaker de kop opsteken. Met of zonder Belgische regering, met of zonder Europees Parlement. En met een sociaal vernietigende Europese Commissie. De werkgeverslobby beweegt hemel en aarde om haar agenda door te drukken. In plaats van op weerstand stuit ze op veel begrip.
Verkeerde logica
Lijden wij aan achtervolgingswaanzin? Helemaal niet. De aangehaalde pistes en analyses zijn stuk voor stuk te lezen in voorontwerpen van officiële teksten of krijgen hun beslag in nationale programma’s. Op te veel fronten wordt een logica gebruikt die geen ruimte laat voor het sociale. “Als het ons economisch voor de wind gaat, zal het sociale luik wel volgen”, zo wordt geredeneerd. Het ACV weet al meer dan 125 jaar dat zoiets geen automatisme is.
Uit respect voor de vakbondsmensen die ons vooraf gingen en voor onze eigen werknemersbelangen zullen we fors uit de hoek moeten komen. Als we dat niet doen, is weinig of niets van onze rechten nog zeker. Met wat er nu op ons af komt, staat het vast dat de vakbonden eens te meer in een hecht, gemeenschappelijk front moeten opereren. Kortetermijnbelangen moeten we opzij schuiven. In België en in Europa moeten we gezamenlijk diets maken dat het verhaal van sociale afbouw ons absoluut niet zint. Ferre Wyckmans
Algemeen Secretaris
Abonneren op:
Posts (Atom)



