donderdag 3 mei 2012

Europees beleid gaat echt foute kant uit

Een mens zou voortaan schrik hebben wanneer er weer een Europese top in zicht is. Niet omdat circuleren in het centrum van Brussel voor gewone burger dan redelijk lastig is. Niet omdat ’s avonds op de gezichten van Sarkozy, Merkel of andere Camerons kijken zo onvrolijk is. Wel omdat de opeenvolgende Europese topbijeenkomsten een rekenkundige rij vormen van maatregelen die de werknemers telkens weer op nieuwe saneringen en besparingen prepareren.
Het soberheidsbeleid dat na elk van die vergaderingen kenbaar wordt gemaakt is sociaal destructief en economisch een ramp. Meer geleerde mensen dan ik – Paul Krugman, de Nobelprijswinnaar voor economie, om er maar één te noemen – waarschuwen al enkele jaren voor de desastreuze gevolgen van de onfortuinlijke mix die de Europese bewindvoerders uit de hoed toveren. Het recent goedgekeurde Europese stabiliteitsmechanisme, onthoud de verderfelijke afkorting ESM die ons de komende jaren nog menigmaal zuur zal opbreken, werd gecombineerd met het zogenaamde Budgettaire Pact. Dit laatste heeft de heel uitdrukkelijke bedoeling om autonoom in de nationale wetgevingen in te grijpen. Eerst kregen nationale overheden de verplichting om hun begroting, voor ze bij de nationale parlementen werd ingediend, voor te leggen aan de technocraten van de Europese Commissie. De vermelde recente maatregelen gaan nog verder: de schuldopbouw van nationale staten wordt bij voorbaat als blijvend Europees onwettelijk bestempeld. Eigenlijk wordt de Grondwet van België gewoon terzijde geschoven. Artikel 174 van de Grondwet maakt het Parlement verantwoordelijk voor rekeningen en begrotingen. Van de Europese commissie of een of andere vazallenclub als Ecofin is daaromtrent in de Grondwet geen sprake. Zou een deskundig iemand eens willen bekijken of wat er Europees allemaal bedisseld wordt wel strookt met enkele grondwettelijke principes?

Technocraten
Maar los van de procedurele kant van de zaak is er uiteraard de ernstige bezorgdheid over de inhoud. Het lijkt er staalhard op dat economische groepen en financiële spelers de politieke machtsorganen in de Europese Unie en de nationale staten buitenspel hebben gezet of ze compleet in de macht hebben gekregen. Er is een weloverwogen proces van beleidsconcentratie aan de gang. Technocraten, al dan niet uit de bankwereld, nemen het roer over en confisqueren het politiek democratisch beleid. Nationale Parlementen staan buiten spel en het Europees Parlement heeft al nooit echt in het spel meegespeeld. Het zogenaamd democratisch deficit, een tekort aan democratische inspraak en controle, neemt in Europa toe in plaats van af. Daarmee wordt niet alleen ingegrepen in de nationale begrotingspolitiek, maar worden ook sociale en syndicale rechten naar de buitenbaan verwezen. Het collectieve overleg wordt als hinderlijk voor de concurrentie beschouwd, net zoals minimumbepalingen over lonen of andere werknemersrechten een verstoring van het vrije marktprincipe zijn. Onmiddellijk daarop aansluitend is er het volgende aan de hand: grensoverschrijdende solidariteitsacties en –stakingen worden als een aantasting van Europese concurrentieprincipes beschouwd en daarom zo goed als onmogelijk gemaakt. Syndicale vrijheden en de strijd voor de verbetering of vrijwaring van de arbeidsvoorwaarden, de sociale bescherming, de armoedebestrijding, de uitsluiting en ongelijkheden zullen in de zeer nabije toekomst lastiger te handhaven zijn. Meer dan ooit dreigen juridische argumenten te worden gebruikt om indien nodig via Europese juridische instanties acties als ongeoorloofd te laten beoordelen. Dat is geen kwaadwillige verkeerde interpretatie, het is de weg die de saneringsfanatici en werkgeverslobby’s goed voorbereid aan het plaveien zijn.

Geen sociaal beleid
De hele schuldenkwestie maakt onze fundamentele bekommernis over fiscale rechtvaardigheid nog prangender. In de Europese logica primeert één principe: minder schulden, dus minder uitgaven en dan heb je ook minder staatsinkomsten nodig. Dat eindigt in minder belastingen. Zogenaamd een aantrekkelijk verhaal voor iedereen, maar het betekent vooral dat er geen verschuiving van lasten naar vermogens, hoge inkomens, vennootschappen zal komen. En dat je dus geen sociaal beleid meer gevoerd krijgt, want daarvoor zullen de centen ontbreken. Het betekent ook dat een actief tewerkstellingsbeleid alleen nog uitmondt in het wegsaneren van werkloosheidsuitkeringen en het drukken van de loonkosten. Het is dus geen toeval dat zowel werkgevers als menig Belgisch minister of staatssecretaris de loonkosten als énig agendapunt naar voren schuiven voor het debat in de komende maanden. Net zoals het geen toeval is dat wij dat slechts als één stukje van het probleem beoordelen. Een breder en ander debat, in België én in Europa, dat is onze eis.

Ferre Wyckmans - Algemeen Secretaris LBC-NVK

Geen opmerkingen:

Een reactie posten